Kansengelijkheid
Niet alle kinderen krijgen thuis dezelfde kansen om zich cultureel en creatief te ontwikkelen. Cultuuronderwijs kan daarom een belangrijke bijdrage leveren aan kansengelijkheid.
Onderzoek van Przybylski (2013) laat zien dat de positieve effecten van cultuuronderwijs vaak het grootst zijn voor leerlingen met een sociaaleconomische achterstand of vertraagde ontwikkeling (zoals dyslexie). Mogelijk komt dit doordat zij thuis minder mogelijkheden hebben om bijvoorbeeld taal- en luistervaardigheden te ontwikkelen.
Door samen te dansen, spelen en musiceren worden de leerlingen meegenomen in het leerproces. Daarnaast ervaren de kinderen bij kunstactiviteiten mogelijk minder frustratie over hun achterstand, wat bijdraagt aan motivatie en betrokkenheid.
Wat laat onderzoek zien?
Uit onderzoek van Catterall (2012) blijkt dat kinderen uit gezinnen met een lage sociaaleconomische status die een school met aandacht voor kunst- en cultuuronderwijs bezochten, op dertigjarige leeftijd vaker een professionele carrière hebben (49%) dan hun leeftijdgenoten op scholen zonder deze focus (21%).
