Deel 1: Een vol avonturendagboekje (III)

Deel 1: Een vol avonturendagboekje

Stap 3a: vul het dagboekje in

Lees voor en vertel:
Ik ga voorlezen. Luister goed. Als ik stop met lezen schrijf je op de bovenste helft van de pagina van vandaag (in totaal 8 dagen) 1 of enkele woorden; dingen die je zijn opgevallen in deze hoofdstukken.

Stappenplan avonturendagboekje: schrijf dingen die je zijn opgevallen aan het verhaal.
Stap 3b: vul het dagboekje in

Leg uit en vertel:
Op de onderste helft maak je een tekeningetje van iets wat je opviel in het verhaal. Dit hoeft niet een hele scène te zijn. Het mag iets kleins zijn wat jou herinnert aan het voor jou opvallendste deel van deze hoofdstukken. Bijvoorbeeld: dat de hoofdpersoon in een hondendrol stapte of lichtgevende ogen die door een raam te zien zijn.

Stappenplan avonturendagboekje: maak tekeningetjes van iets wat je opviel in het verhaal.
Tip!

Leg uit en vertel:
Ter inspiratie kun je de afbeeldingen met voorbeelden van handlettering uit de bijlagen laten zien op het digibord. Daag de leerlingen uit letters te kiezen die ze bij het hoofdstuk vinden passen. Bijvoorbeeld stoere, vrolijke, dansende, schreeuwende of sierlijke letters.

Stappenplan avonturendagboekje: voorbeelden handlettering.
Stappenplan avonturendagboekje: voorbeelden handlettering.
Stappenplan avonturendagboekje: voorbeelden handlettering.
Stappenplan avonturendagboekje: voorbeelden handlettering.